Medewerker in de kijker: het verhaal van Mo

“Manchester United. Maar zeker ook Racing Genk, die zijn top! Ze spelen iedereen naar huis. Zij worden sowieso kampioen dit jaar.” Dat zijn op dit moment de woorden van een rasechte Limburger en ware voetbalsupporter wanneer ik naar zijn favoriete ploeg vraag. Nochtans had hij voor 2015 nog nooit van deze mooie provincie gehoord. Het was een noodzakelijke vlucht uit Somalië die hem naar onze contreien bracht. Dit is het verhaal van Mo, een spontane jongen met een groot hart en al bijna 6 jaar gelukkig in zijn job bij IN-Z.

Hallo Mo, bedankt voor de hartelijke ontvangst.

“Geen enkel probleem, vriend. Ik ben een sociale kerel, ik hou ervan mensen te leren kennen. Wees welkom”.

Bedankt. Ik merk inderdaad meteen dat hier een enthousiaste en vrolijke medewerker voor me zit. Is dit ook hoe je bij jouw klanten op de werkvloer staat?

“Ondertussen wel, maar in mijn beginperiode bij IN-Z vond ik dat wel moeilijker. Het is te zeggen… Ik wilde wel sociaal zijn, maar ik schaamde me vaak een beetje omdat ik de taal niet echt sprak. Ik behielp me dan soms in het Engels en vroeg de klanten om in het Nederlands te antwoorden zodat ik woord voor woord de taal kon bijleren. Eigenlijk leerde ik op die manier beter Nederlands dan via de inburgeringscursus.

Ook mijn administratie verbeterde op die manier, want als je de taal helemaal niet kent, is het heel moeilijk om prestatiestaten, afsprakennota’s en dergelijke goed te begrijpen en gebruiken.”

Maar het is misschien wel via die inburgeringscursus dat je bij IN-Z terecht bent gekomen?

“Dat klopt helemaal. Toen ik in 2015 in België aankwam, werd ik eerst gehuisvest in het asielcentrum in Sint-Truiden en van daaruit ging in naar Herk-de-Stad. Toen we al een tijdje met de cursus bezig waren, kwam er iemand van de VDAB zich voorstellen en vroeg wie er wilde werken. Ik stak als eerste m’n hand in de lucht. Ik wilde actief zijn, me nuttig maken, mij een deel van de maatschappij voelen. De VDAB-consulent leidde me zo naar IN-Z en dat was de start van mijn verhaal hier. Ondertussen heb ik mijn werkschema opgebouwd naar 30u/week, dus ik heb mijn bezigheid wel.”

Nu woon je hier in Hasselt…

“Jazeker man, Hasselt is echt mijn stad! Ik voel me hier zo thuis. Ik heb hier massa’s vrienden uit alle hoeken van de wereld, de mensen hier zijn vriendelijk, ik speel in een voetbalploegje, ik zet hier graag een stapje in de wereld,… En de Belgische friet zou ik ook niet meer kunnen missen. Mijn week is niet geslaagd als ik geen twee keer mijn friet met mayonaise gegeten heb.”

En je familie? Is die hier ook of wonen zij nog in Somalië?

“Ik ben als enige van de familie naar hier gekomen. Die mis ik natuurlijk wel. Al 8 jaar je moeder, broers en zussen niet zien, dat doet iets met een mens. Maar gelukkig zijn er tegenwoordig wel voldoende mogelijkheden zoals WhatsApp om contact te houden met elkaar. Zo hoor ik mijn familie bijna dagelijks. Daarnaast is het mijn bedoeling om ze in de nabije toekomst toch ook nog eens in levende lijve te gaan bezoeken.”

Mag ik vragen hoe het komt dat je als enige van de familie naar België bent moeten vluchten?

“Dat mag je zeker. Ken je Al-Shabaab? Zij zijn het ISIS van Somalië. Ik haat ze, tot in het diepste van m’n hart. Het is door hen dat ik mijn land ben moeten ontvluchten.

Mijn vader was garagist. Toen hij stierf, nam ik dit over. Ik was als oudste plots de hoofdverantwoordelijke voor ons gezin. Op een dag kwamen enkele mannen van Al-Shabaab binnenvallen en vroegen me om voor hen te werken. Ik kreeg 4 dagen bedenktijd. Maar hun “werk” bestaat uit bombarderen, moorden,… Man, ik ben een vredelievend persoon, nooit van m’n leven zou ik me bij zo een terreurgroep kunnen aansluiten. Toen ze na 4 dagen terugkwamen, was mijn antwoord dan ook resoluut ‘neen’.”

Ik neem aan dat zulke criminelen niet blij zijn met zo een antwoord.

“Inderdaad. Ze besprongen me, deden me een blinddoek om en namen me mee. Na 15 dagen ben ik kunnen ontsnappen. Ik nam contact op met mijn familie en het was snel duidelijk dat ik het land moest verlaten, wilde ik in leven blijven. Met behulp van smokkelaars reisde ik via Kenia naar Italië en zo naar België. Het is mijn moeder die dit voor mij betaald heeft, zelf had ik niets meer.”

En jouw familie? Zijn zij ook benaderd geworden door Al-Shabaab?

“Nee, dat is het enige geluk. Zij zitten nu op een veilige plaats. Het was de terroristen ook enkel om mij te doen, niet om mijn familie. Vermoedelijk dachten ze dat ik hen als garagist met mijn technische kennis van nut kon zijn.”

Een heftig verhaal, Mo. Ik word hier even stil van… Was het voor jou dan ook geen probleem om die carrièreswitch te maken van garagist naar medewerker in de poets- en huishoudhulp?

“Eigenlijk niet echt. Het was voor mij in eerste instantie gewoon belangrijk om bezig te zijn. Ik kan geen hele dagen thuis zitten. Toen ik pas bij IN-Z startte, combineerde ik het werk nog met Nederlandse les: voormiddag op de schoolbanken, namiddag naar de klanten. Het was een hele drukke tijd, maar tegelijk vond ik dat net een hele fijne periode. En ik kan je trouwens garanderen: het Nederlands is voor een buitenlander echt geen makkelijke taal om te leren!”

Ik vind het echt tof om te horen hoe positief je in het leven staat. Maar als ik een eerlijke vraag mag stellen: Werken in de poets- en huishoudhulp, dat lijkt me voor een man met veel technische kennis toch niet meteen de droomjob?

“Ik ga je ook een eerlijk antwoord geven: Dat was in het begin ook niet het eerste waar ik aan dacht. Werken, dat was mijn prioriteit. Maar eigenlijk is dit gaandeweg wel mijn droomjob geworden. De manier hoe ik bij IN-Z ontvangen ben destijds, het geduld dat ze met mij als anderstalige starter gehad hebben door mij onder andere in het begin met ervaren collega’s te laten meevolgen, de flexibiliteit die mijn begeleider had in het maken van mijn planning toen ik nog les volgde,… Dat maakt dat IN-Z ondertussen mijn familie is geworden. En ook het contact met de klanten… Als sociaal persoon geniet ik daarvan. Je kan dus gerust stellen dat ik hier echt goed zit.”

Nochtans zou ik denken dat sommige klanten een beetje kunnen verschieten als ze een anderstalige man voor de deur zien staan als thuishulp. Velen houden jammer genoeg nog altijd wat vast aan het stereotype beeld van een “poetsdame”. Heb jij dat ooit zo ervaren?

“Dat zou je misschien denken, maar eigenlijk valt dat echt heel goed mee. Mijn begeleidster licht de klanten wel altijd op voorhand in wie bij hen aan huis komt, dus als ze mijn naam dan horen, weten ze al dat er een man zal komen om te helpen. Wanneer ik bijv. een vervanging doe, stel ik me bij aanvang van de dienst ook altijd even netjes voor en dan is het ijs snel gebroken.

Weet je, je hoort vaak dat de Belg over het algemeen erg gesloten is. Wel, ik probeer altijd met mijn positiviteit dat slot te kraken. Eén keer dat gelukt is – wat meestal ook gebeurt – en ze laten je toe, is de Belg de meest aangename en vriendelijke persoon die er is, en al zeker in mijn provincie Limburg.”

Deel dit bericht

Ontdek ook deze nieuwsberichten

Medewerker in de kijker: het verhaal van Alina

Alina is een moedige vrouw uit Oekraïne die door de oorlog haar thuisstad ontvluchtte en naar België reisde om veiligheid te zoeken. Hier heeft ze een nieuw leven opgebouwd en werkt ze als brugfiguur voor het project Brood & Rozen, waar ze kwetsbare moeders helpt werk te vinden.

Lees verder »